Leven met een angststoornis is in mijn geval ook dingen vermijden en doen alsof dat de normaalste zaak van de wereld is. Het resultaat daarvan was wel dat ik zo lang dingen vermeden heb dat de diagnose angststoornis als donderslag bij heldere hemel kwam omdat ik dacht dat het allemaal wel goed met me ging, en het anderhalf jaar duurde voor ik me echt besefte dat de diagnose echt wel klopt. Vermijden houdt bijvoorbeeld in dat als ik naar een willekeurige stad wil, dit altijd met het OV doe. No way dat ik met de auto een onbekende stad in ga want er kan van alles mis gaan.
- Misschien rij ik wel per ongeluk een weg met eenrichtingsverkeer in en moet ik een heel eind achteruit rijden en hinder ik daarmee mede weggebruikers die dan in het meest gunstige geval geïrriteerd zijn en in het meest ongunstige geval boos
- Ik kan de weg kwijt raken en niet meer weg kunnen omdat er allemaal auto's achter me staan te toeteren uit ergernis of boosheid
- Misschien gaat de slagboom bij de garage wel niet open en kan ik niet weg omdat er allemaal auto's achter me staan te toeteren, wederom uit ergernis of boosheid
- Of misschien gaat de betaling na het parkeren wel niet goed waardoor ik er niet meer uit kan.
- Wat te denken van verkeerd rijden, ondanks mijn wegvoorzeggertje
- Misschien kan ik het wel allemaal niet goed overzien, want in de stad komt het verkeer van alle kanten!
- Misschien raak ik zelfs wel in paniek van de drukte
- Misschien rij ik de parkeergarage in en is er geen plek. Dan heb ik niet betaald, kom ik er dan nog wel uit?
Een goed bedoeld “maak je niet zo druk” voert de druk alleen maar meer op, want zo eenvoudig is het helaas niet. Geloof me als ik zeg dat ik ook gewoon de dingen wil kunnen doen die een “normaal” mens doet, en ik realiseer me heel goed dat wat er met me gebeurt als ik iets voor mij spannends ga doen anders is dan bij de doorsnee mens. Wat voor jou waarschijnlijk alledaags is levert mij vaak hartkloppingen, overmatig transpireren, trillende handen en benen, buikpijn en misselijk van de zenuwen op.
Mijn hele leven heb ik dingen waarbij mijn angst zijn lelijke kop op steekt vermeden. Logisch dus dat ik me tot dit jaar niet echt bewust ben geweest van het feit waar ik mijn hele leven al mee worstel een angststoornis is. De enige manier waarop ik de angst kon onderdrukken was vermijding. Gewoon dingen niet doen.
Zo ben ik met mijn 48 jaar nog nooit met de auto naar een grote stad geweest. Hoorn of Alkmaar vind ik al een uitdaging, groter dan deze twee steden durf ik echt niet aan. Al kon ik het tot voor kort niet eens zo benoemen. Liever noemde ik het onprettig om te doen in plaats van zeggen dat ik er echt bang voor was, om vervolgens met het OV ergens heen te gaan. Opgelost, en ik hoefde er verder niet over na te denken.
Nu ik weet dat wat mij overkomt als ik voor mij spannende dingen doe zoals naar een grote stad gaan een oorzaak heeft, namelijk een angststoornis, kan ik er wat mee. Al lukte dat dit jaar tot nu toe niet omdat ik naast een angststoornis ook nog eens kamp met een depressie. Je weet wel, somber, nergens zin in, moe zijn en meer van dat soort ellende. Lang leve de antidepressiva, en dat begint te werken (wist je dat sommige antidepressiva heel goed helpen bij angst?!) Qua somberheid kan het nog een stuk beter, maar wat mijn angst betreft merk ik al duidelijk verschil.
Vanmorgen had ik ineens zin om weer eens een museum te bezoeken. Ik zou nog eens met mijn vader terug naar Teylers in Haarlem, maar omdat het er niet van komt besloot ik om zelf te gaan. En ik voelde me vandaag sterk en zelfverzekerd genoeg om dat met de auto te doen. Oke, ik heb voorafgaand aan de autorit wel een tijd op de wc gezeten vanwege heftige buikkramp, maar toch dacht ik dat dit het moment was om uit mijn comfortzone te stappen en het maar gewoon te doen.
Toen ik eenmaal in de buurt van het centrum begon te komen werd ik wel behoorlijk nerveus. Zweethanden, hartkloppingen, buikpijn. Ik kwam nog even in een file-tje te staan want de brug stond open, en na dit stuk was ik er eigenlijk zo. Het viel me mee hoe makkelijk ik kon schakelen tussen wat mijn navigatie zei, wat er op de borden stond en wat er om me heen gebeurde. Het lukte me om me niks aan te trekken van mijn medeweggebruikers en me gewoon aan de regels te houden. Het lukte me om zonder in paniek te raken even stil te staan op een punt waarop ik het even niet allemaal kon overzien.
En wat denk je dat er gebeurde?
Helemaal niks! He-le-maal niks. Ergens in de verte hoorde ik wel een claxon, maar veiligheid voorop en ik liet me dus niet opjagen. Nog even een keer goed kijken op mijn scherm en naar het straatnaambord en gas, zo de garage in. Eerlijk, ik heb wel even een paar minuten in mijn auto gezeten nadat ik geparkeerd had, even op adem komen en even nadenken over wat er allemaal door mijn hoofd ging. Dat was vooral trots.
Trots dat ik zonder hulp met de auto voor het eerst in mijn leven naar een voor mij grote stad ben gegaan. Trots dat ik me niet gek heb laten maken door wat er allemaal om me heen gebeurde. Trots dat ik mijn angst in de ogen heb gekeken en besloot dat ik sterker was dan mijn angst.
Een angststoornis is echt kut want het bepaalt nu ik me er steeds bewuster van word een aanzienlijk deel van mijn leven. Angst zit eigenlijk mijn hele leven al in de kleinste dingen die iemand die hier niet bekend mee is zich niet kan voorstellen. Vermijding was mijn copingstrategie, ik realiseer me nu dat ik mezelf daar tekort mee heb gedaan.
Bewustwording is heel belangrijk, dat is voor mij de reden dat ik mijn verhaal deel. De angsthaas in mij fluistert mij nu in dat lezers hier wel eens wat van kunnen vinden, ik voel hierbij weer misselijkheid opkomen maar besluit het toch te doen.


