“Ik kan niet meer, ik snap er niks van. Volgens mij is hij verliefd op dat jonge meisje, hij ziet mij niet meer staan. Hij snauwt alleen nog maar tegen me, en ik doe alles voor hem!”
Op een regenachtige woensdagmiddag komt Mona naar me toe, ze ziet er ongelukkig uit. Als ik haar begroet en vraag hoe het met haar gaat zegt ze dit tegen me en met een zucht gaat ze bij me aan tafel zitten. Mona is bijna 90 en ruim 65 jaar getrouwd met haar Jan. Mona en Jan zijn allebei mensen met een sterk karakter, beiden kunnen ze heel duidelijk aangeven wat ze willen en wat ze niet willen.
Dat laatste heeft in de eerste periode dat ze in de Oude Vesting wonen de nodige strubbelingen met de zorg opgeleverd, ze waren niet snel tevreden en gaven dit dagelijks luid en duidelijk te kennen. Iedereen die bij ons komt wonen heeft tijd nodig om te wennen aan de nieuwe situatie, ook Mona en Jan, en het lijkt erop dat dat wennen steeds een beetje beter lukt. De onvrede naar de zorg is er af en toe nog wel, maar daar kunnen we met elkaar meestal prima over praten.
Mona komt steeds vaker even naar de huiskamer, voor een praatje of om even weg bij Jan te zijn. Jan maakt regelmatig grapjes en is steeds vaker vriendelijk gestemd. Soms een beetje te vriendelijk, en daar zit iets dat problemen op zou kunnen gaan leveren. Jan bleek de afgelopen tijd erg te zijn gecharmeerd van een zeer jonge collega, en dit is Mona ook opgevallen.
Binnen de organisatie wordt daar gelukkig goed mee om gegaan, de collega in kwestie voelt zich gehoord en kan zich er in vinden om Jan alleen te helpen als hier een andere collega bij is. Maar vorige week gedroeg zich ook naar mij ongepast. Maakte opmerkingen die net op het randje waren en raakte mij aan ondanks dat ik had aangegeven dit niet te willen. Ook dit wordt netjes volgens de regels van de organisatie opgepakt, maar ik besloot ook zelf met meneer in gesprek te gaan.
Ik vermoed namelijk dat dit geen gedrag is dat bij meneer hoort, een van zijn zoons vertelde mij naar aanleiding van een eerdere situatie dat hij dit helemaal niet herkent bij zijn vader. Jan was nooit een flirt, hield altijd afstand van vrouwen en Mona was de enige en de ware voor hem.
Maar waar komt dit gedrag dan vandaan? Die vraag was de reden dat ik met Jan in gesprek ging. Ik vroeg hem of ik hem wat vragen mocht stellen en vertelde erbij dat als hij met het gesprek wilde stoppen, het gesprek direct zou stoppen. Ik vertelde dat het mij opviel dat hij de laatste tijd erg zijn best doet om aandacht van vrouwelijke collega’s te krijgen, dat hij hierbij opmerkingen maakt die ongepast zijn en dat hij niet altijd de grenzen van vrouwelijke collega’s respecteert. En al snel hadden we het over intimiteit. Want Jan is dan wel bijna 90, “alles werkt nog en ik heb ook gewoon behoeftes” vertrouwde hij me toe.
Ik besprak dit met een van de verpleegkundigen van de afdeling en zette wat acties uit. Toen ook Mona gisteren naar mij toe kwam en haar verhaal deed vroeg ik ook haar of ik haar wat vragen mocht stellen, en ook tegen haar zei ik dat ze het gesprek ieder moment mocht stoppen als zij dat wilde. En bij Mona kwam eigenlijk het zelfde naar voren, ook Mona mist de intimiteit met haar man. Beide echtelieden blijken dus de intimiteit van voor de verhuizing te missen. En dit is gewoon op te lossen.
Mijn collega en ik bedachten samen iets om Jan en Mona te kunnen helpen en mijn collega, de zorgverantwoordelijke voor mevrouw en meneer, zou met hen allebei in gesprek gaan om dit te bespreken. Beiden konden het hier helemaal in vinden en waren blij en opgelucht dat de zorg dit met hen heeft besproken. Want Mona en Jan zijn dan wel op hoge leeftijd, de behoefte aan intimiteit verdwijnt niet door deze leeftijd of door de verhuizing naar een zorginstelling.
Hoe mooi zou het zijn als Mona en Jan weer intimiteit en geborgenheid zouden vinden? En hoe mooi zou het zijn als het grensoverschrijdende gedrag hiermee weer zou verdwijnen?

